Naar de inhoud
VoorWerk
VoorWerk 6

15 van 16

Feit of fictie

Uitzendwerk biedt steeds meer zekerheid

Feit: Tussen 2007 en 2023 is de werkzekerheid van uitzendkrachten duidelijk toegenomen, met meer uitzendkrachten die jaarrond werken, vaker een contract in fase B/C of fase 3 hebben en minder vaak een uitzendbeding. Deze ontwikkelingen wijzen op een structurele verschuiving naar stabielere en duurzamere arbeidsrelaties binnen de uitzendsector.

1 min lezen

Uitzendwerk biedt langdurig werk

Aandeel uitzendkrachten naar aantal maanden gewerkt in een kalenderjaar

2007

2013

2023 tot 6 maanden

63%

55%

55%

6 tot 12 maanden

24%

26%

24%

12 maanden

13%

18%

22%

Totaal

100%

100%

100%

Percentages afgerond

Het aandeel uitzendkrachten, dat het hele jaar (12 maanden) uitzendwerk doet, is toegenomen van 13% in 2007 tot 22% in 2023.

Uitzendwerk steeds meer zekerheid

Aandeel uitzendkrachten naar flexfase

2007

2013

2023

Fase A / Fase 1 en 2

91%

85%

71%

Fase B en C / Fase 3

9%

15%

29%

Totaal

100%

100%

100%

Percentages afgerond

Het aandeel uitzendkrachten met een fase-B/C- of fase-3-contract is toegenomen van 10% in 2007 tot 29% in 2023. Ook wanneer 2023 buiten beschouwing wordt gelaten, is er sprake van een stijgende trend.

N.B. In 2023 is een deel van de fase A/fase 1 en 2 omgezet in een fase-B/C-contract, als gevolg van een wijziging in de regelgeving.

Uitzendkracht meer werkzekerheid

Aandeel uitzendkrachten met uitzendbeding

2007

2013

2023

Met uitzendbeding

77%

50%

34%

Zonder uitzendbeding

23%

50%

66%

Totaal

100%

100%

100%

Het aandeel uitzendkrachten met een uitzendbeding, waarbij de uitzendovereenkomst automatisch eindigt zodra de opdrachtgever de uitzendkracht niet langer inzet, is flink afgenomen.