Vooroplopen in groene versnelling
JobTrans maakt duurzame ambities transportsector waar
‘Groen’ heeft de toekomst, zo zag directeur Henrik de Leeuw van JobTrans in 2022. In amper drie jaar tijd bouwde hij zijn uitzendbureau in de transportsector uit met een zero-emissie opleidingstraject en een laadstation. “We kunnen onze klanten nu volledig ontzorgen.”

Het was een presentatie die De Leeuw niet snel zal vergeten. “Drie jaar geleden werd ik getriggerd door een bijeenkomst die ging over de energietransitie, specifiek gericht op vervoer en e-trucks. Als uitzender wil ik een mooi product leveren en mijn brood kunnen verdienen. En dan is het extra mooi als ik dat kan doen door tegelijkertijd een bijdrage te leveren aan een schonere wereld. We zijn gaan onderzoeken hoe we dat konden doen. Hoe zit het bijvoorbeeld met subsidies, met onze stroomaansluiting? Hoe snel kunnen we onze investeringen terugverdienen? Het was een gok, maar die heeft goed uitgepakt.”
Europese primeur
Het meest in het oog springt het opleidingstraject dat JobTrans nu aanbiedt voor ‘elektrische chauffeurs’ in spe. “Opleiden deden we al. Al vrij snel na onze start in 2010 kwam die vraag van klanten. Maar nu bieden we, als eerste in Europa, een volledig zero-emissie opleidingstraject voor vrachtwagenchauffeurs. Hiermee bereiden we vrachtwagenchauffeurs optimaal voor op de duurzame transitie binnen de transportsector. Het betekent dat we kandidaten kunnen opleiden en uitzenden, maar ook dat we bij opdrachtgevers die zelf de transitie maken naar een groen wagenpark een streepje voor hebben.”
Geluk
Tegelijkertijd begon De Leeuw met de aanleg van een laadplein voor zowel e-trucks als e-personenwagens. “Dat vraagt stroomcapaciteit. Het opladen van vijf e-trucks in een nacht vergt evenveel stroom als het jaargebruik van een klein huishouden. Ons geluk was dat we netverzwaring konden krijgen.” De Leeuw doelt op het feit dat het Nederlandse energienet inmiddels zo vol zit, dat voor dergelijke aanvragen nu een jarenlange wachtlijst bestaat. “Wij waren net op tijd. De aansluiting liep weliswaar vertraging op, maar is nu klaar. Dit biedt ons een belangrijk voordeel op mogelijke concurrenten die wel achter het net vissen.”
Tegenwerking
De transitie vergde veel investeringen. “Er moesten nieuwe leidingen de grond in, er is een trafohuisje gekomen, stekkers, meterkasten en hard- en software. We hebben ons eigen wagenpark (deels) vergroend. Maar de investeringen zijn de moeite waard. We hebben hierdoor een streepje voor bij onze klanten, voornamelijk supermarkten en overheden, en we krijgen meer betaald. Maar zonder subsidies was dit niet gelukt.”
De belangrijkste uitdaging waar De Leeuw mee te maken kreeg, was niet van eigen makelij. “Die is afkomstig van de politiek. In 2015 kregen we te horen dat we ons moesten voorbereiden op zero-emissiezones. Wij hebben daarop geanticipeerd, net zoals onze klanten. Maar opeens, na 9,5 jaar voorbereiden zei men: nee, we gaan het nu toch niet doen. Onbegrijpelijk.”
Het is een tegenvaller die Jobtrans gelukkig wel kan hebben. “We zijn echt klaar voor de toekomst. Omdat we klanten een complete dienstverlening kunnen geven, maar ook omdat zij worstelen met dezelfde vraagstukken. Wij delen onze ervaringen graag. Onze volgende stap? Een accu. Ons dak ligt al vol met zonnepanelen. Met een accu kunnen we de wagens (deels) gaan laden met onze eigen stroom.”
Wij waren net op tijd voor stroom, subsidies en zero-emissie. Dat voordeel geven we nu door aan onze klanten.
Op reis met de klant
JobTrans heeft in haar (ruime) pand een zogeheten ‘Zero-emissie Experience’ aangelegd. Henrik de Leeuw: “Met deze route, die dwars door het gebouw loopt, maken we inzichtelijk welke ontwikkelingen er sinds 1900 zijn geweest op zowel het vlak van personeel als vervoer. We beginnen met paard en wagen en eindigen bij de elektrische vrachtwagen. Het is voor ons een manier om in gesprek te raken met opdrachtgevers. Om te laten zien wat er bij een groene transitie komt kijken, wat flexibiliteit kost, wat uitdagingen zijn. Met de Zero-emissie Experience maken we dat letterlijk tastbaar.”